De architect als gelukzoeker in het Gooi

19/02/2016 door Barbara Laan

deel Deel op Facebook Deel op Twitter Deel op LinkedIn Deel via e-mail

Annette Koenders is senior beleidsadviseur monumentenzorg en archeologie bij de gemeente Hilversum en verzorgt het huizenportret van de maand februari. Ze schrijft over het architectenhuis ‘Middlesex’ uit 1921 in Hilversum van J. London. Het blog van deze week dient als inleiding op dit huizenportret. J. London is namelijk één van vele architecten die kort na de eeuwwisseling naar het Gooi trok.

 

Tekst: Annette Koenders

 

Eind 19de eeuw werden de dorpen in het buitengebied rond Amsterdam steeds aantrekkelijker als plek om te wonen. Daarmee kreeg de ontwikkeling van de dorpen een impuls. Niet alleen de grote villa’s en landhuizen voor welgestelden werden gebouwd, vanaf het begin van de  20ste eeuw kregen ook de middenstand en de arbeiders kansen.

 

Het initiatief tot de aanleg van villaparken en de bouw van villa’s en landhuizen lag niet bij de gemeenten. De ontwikkeling van de dorpen lag, behalve in handen van enkele particuliere opdrachtgevers, ook in handen van bouwmaatschappijen die als paddenstoelen uit de grond schoten. Daarmee lag een ongecontroleerde uitbreiding van de dorpen in de omliggende natuur op de loer. Deze vrijheid duurde tot rond 1915, toen de lobby voor het natuurbehoud sterk werd en de gemeenten de gronden zelf wilden bestemmen voor woningbouw. Bovendien maakte men zich zorgen over de kwaliteit van de architectuur en stedenbouw die een planmatige aanpak ontbeerde. Vanaf 1912 functioneerde in Laren de eerste Schoonheidscommissie, die zich tien jaar later ontwikkelde tot de Centrale Schoonheidscommissie voor het Gooi.

 

Het waren niet alleen de opdrachtgevers en bewoners die naar het Gooi kwamen, ook allerlei professionals werden aangetrokken door het werk en de kansen die voor het oprapen lagen. De gewaardeerde architecten uit de steden kregen de opdracht de villa’s en landhuizen te ontwerpen. We kunnen dagelijks genieten van de staalkaart van kwalitatief hoogwaardige architectuur die het Gooi rijk is. Een aantal architecten kwam ook in het Gooi wonen. Aan die keuze lag niet alleen de mogelijkheid van veel opdrachten ten grondslag. Vele architecten waren ook actief op het gebied van de beeldende kunst en in het Gooi vonden zij de inspirerende omgeving en collega’s in de ‘kunstscene’. Hotel Hamdorff aan de Brink in Laren is een bekende plek waar architecten, kunstenaars en musici elkaar ontmoetten. Wouter Hamdorff speelde daar op zijn viool. De architecten haalden in dergelijke gelegenheden opdrachten op en hielden daar aanbestedingen. De leden van deze sociale elite ontmoetten elkaar ook via hun hobby’s. J.W. Hanrath en J.H. Slot kenden elkaar ook van de schiet- en kegelbanen. J. London en J.C. van Epen maakten deel uit van de kunstenaarskring rond kunstschilder J.F.C. Scherrewitz. De kunstgalerie Brok aan de Van Lenneplaan in Hilversum stelde werken van architecten en kunstenaars ten toon. London maakte kennis met de kring rondom Frederik van Eeden. De inspiratie voor een sociale wereldstad, die hij meende te ontvangen vanaf gene zijde, lag daaraan ten grondslag.

 

Een andere drijfveer was de hoop op de uitvoering van nevenfuncties, waarvan die van bouwer en ontwikkelaar hoog op de prioriteitenlijst stond. In het laatste kwart van de negentiende eeuw werden villaparken en –wijken aangelegd door ontwikkel- of bouwmaatschappijen waarvan in het algemeen blijkt dat een architect tot de initiatiefnemers behoorde, of in ieder geval als architect daarmee was verbonden. In Hilversum bijvoorbeeld werd de villawijk rond de Boomberg vanaf 1873 ontwikkeld door de gebroeders Jan, Hendrik en Cornelis de Groot, een ontwerper, een aannemer en een zakelijk brein verenigd in de Bouwmaatschappij Hilversum. Het ging hen goed, want in 1897 legden zij het Ministerpark aan tussen het Melkpad en de Koninginneweg. Een ander voorbeeld vormt het villaparkje rond de nabijgelegen van Lenneplaan en Burgemeester Schooklaan, waarachter architect G.P.G. Kloppers (1870-1961) de drijvende kracht was terwijl hij in Hilversum woonde.

 

Architect Jacob London (1872-1953) verhuisde in 1912 vanuit Haarlem naar Hilversum om daar zijn carrière voort te zetten. Hij bouwde voor zichzelf een woonhuis, de “Zonnehof” aan de Soestdijkerstraatweg 90. Hij kreeg opdrachten voor villa’s en landhuizen, maar hij richtte zich ook op de mogelijkheid zelf een villapark te ontwikkelen. De N.V. Nieuwe Hilversumsche Bouwmaatschappij werd in 1917 opgericht, met London als deelnemer en architect.

 

Hoewel het villapark niet van de grond kwam, ging London er niet aan onderdoor. Dat overkwam veel andere architecten wel die zich als projectontwikkelaar wilden manifesteren. Zij gingen als bouwer en ontwikkelaar failliet.

 

Bronnen en noten

SAGV: Streekarchief het Gooi en de Vechtstreek te Hilversum, www.gooienvechthistorisch.nl

A.M. Koenders, Hilversum Architectuur en Stedenbouw 1850-1940, Zwolle 2001, pp 41-44.

deel Deel op Facebook Deel op Twitter Deel op LinkedIn Deel via e-mail

Archief

Jaarlijks archief

Blijf op de hoogte via e-mail

Vul uw e-mailadres in om bericht te krijgen bij nieuwe blog- en nieuwsberichten op deze website.

Wouter Hamdorff speelt hier op zijn viool, 1924 (Foto: Het Nieuwe Instituut Rotterdam, archief: Hamdorf, W.C.)

Ministerpark in Hilversum (Foto: website Hilversum-in-kaarten.clubs.nl)

De Vondellaan in Hilversum, 1895 (Foto: Streekarchief Gooi en Vechtstreek, bestandsnummer SAGV032.2)

Huis Zonnehof, in 1912 ontworpen door de architect J. London (Foto: website Hilversum-in-kaarten.clubs.nl)

Plan voor villapark op bosterrein aan de Soestdijkerstraatweg (niet uitgevoerd) (Bron: Streekarchief Gooi en Vechthistorisch, archief London LOND 110483474)